Wat is verminderde vruchtbaarheid (subfertiliteit) bij vrouwen precies?
In de medische wereld spreken we van subfertiliteit wanneer je na meer dan twaalf maanden van onbeschermd en regelmatig vrijen niet zwanger bent geworden. Het woord betekent letterlijk ‘verminderde vruchtbaarheid’. Dit is wezenlijk iets anders dan onvruchtbaarheid (steriliteit), wat betekent dat het fysiek onmogelijk is om zwanger te raken. Bij subfertiliteit is de kans op een spontane zwangerschap nog steeds aanwezig, maar duurt het simpelweg langer of is er medische hulp nodig.
De leeftijd van de vrouw speelt hierbij een zeer grote rol. Vanaf je dertigste levensjaar neemt de natuurlijke vruchtbaarheid gestaag af. Waar de vruchtbaarheid op je 25e nog optimaal is, is deze op je 35e nog ongeveer de helft, en op je 40e nog maar tien procent. Dit komt door een natuurlijk verouderingsproces van de eierstokken en een afname in de kwaliteit en kwantiteit van de eicellen.
Waarom lukt het niet? Oorzaken van verminderde vruchtbaarheid
Als een zwangerschap uitblijft, kan dat verschillende redenen hebben. In ongeveer een derde van de gevallen ligt de oorzaak bij de vrouw, in een derde bij de man, en soms is het een combinatie van factoren bij beide partners. Er is daarnaast ook een vrij grote groep (ongeveer dertig procent) waarbij artsen na uitgebreid onderzoek geen duidelijke verklaring kunnen vinden voor het uitblijven van de zwangerschap. Dit noemen we in medische termen onverklaarde subfertiliteit.
Als we specifiek kijken naar de oorzaken bij vrouwen, zien we een aantal factoren die vaak voorkomen:
- Ovulatiestoornissen (eisprongproblemen): Bijna een kwart van de vruchtbaarheidsproblemen bij vrouwen wordt veroorzaakt door problemen met de eisprong, ook wel ovulatie genoemd. Als er geen eicel vrijkomt, kan er immers ook geen bevruchting plaatsvinden. Vaak herken je dit aan een zeer onregelmatige menstruatiecyclus, of het zelfs helemaal uitblijven van je ongesteldheid. Een veelvoorkomende oorzaak hiervan is PCOS (polycysteus-ovariumsyndroom). Bij PCOS is er sprake van een hormonale disbalans in het lichaam, waardoor eiblaasjes in de eierstokken niet goed tot rijping komen en de eisprong vaak uitblijft.
- Problemen met de eileiders (tubapathologie): De eileiders zijn de buisjes die de eierstokken verbinden met de baarmoeder. Hier vindt normaal gesproken de ontmoeting tussen de eicel en de zaadcel plaats. Als deze eileiders beschadigd, verkleefd of verstopt zijn, kunnen de cellen elkaar niet bereiken. Oorzaken hiervoor kunnen een eerdere ontsteking in de onderbuik zijn (bijvoorbeeld door een chlamydia-infectie) of weefselschade na een blindedarmontsteking.
- Endometriose: Bij deze chronische aandoening groeit er weefsel dat sterk lijkt op baarmoederslijmvlies buiten de baarmoeder, bijvoorbeeld op de eierstokken, de eileiders of de darmen. Dit weefsel reageert op je hormooncyclus en bloedt mee, wat verklevingen en kleine ontstekingen kan veroorzaken. Dit belemmert het transport van de eicel en gaat vaak samen met flinke pijn in de onderbuik tijdens de menstruatie of pijn bij het vrijen.
- Baarmoederhalsslijm: In ongeveer vijftien procent van de gevallen ligt de oorzaak in de interactie tussen het sperma en het slijm van jouw baarmoederhals. Als dit slijm te taai of te zuur is, kunnen de zaadcellen er niet goed doorheen zwemmen om de eicel te bevruchten.
De invloed van je leefstijl op zwanger worden
Hoewel je aan medische oorzaken zoals weefselschade of leeftijd weinig kunt doen, zijn er ook leefstijlfactoren die je vruchtbaarheid aanzienlijk beïnvloeden. Dit is waardevolle informatie, omdat je hier zelf stappen in kunt zetten om je kansen te optimaliseren.
- Lichaamsgewicht: Zowel ernstig ondergewicht als overgewicht (een BMI boven de 30) kan je vruchtbaarheid fiks verminderen. Bij overgewicht is de kans op een regelmatige eisprong kleiner, maar zelfs als je wél een regelmatige cyclus hebt, verlaagt overgewicht de kans op een zwangerschap. Gezonde voeding met veel groente, fruit, volkorenproducten en vezels, gecombineerd met voldoende beweging, kunnen je hormoonbalans sterk verbeteren.
- Roken, alcohol en drugs: Het is algemeen bekend dat deze middelen ongezond zijn, maar ze hebben ook direct een negatieve invloed op je wens om moeder te worden. Roken beïnvloedt de kwaliteit van je eicellen, vervroegt de overgang en verhoogt de kans op een miskraam aanzienlijk. Alcohol kan de hormoonbalans verstoren en is schadelijk voor de ontwikkeling van de baby, zelfs al heel vroeg in de zwangerschap. Het dringende advies is dan ook om hiermee volledig te stoppen zodra je probeert zwanger te worden. Dit geldt trouwens evengoed voor je partner, want ook de kwaliteit van zaadcellen lijdt enorm onder roken, alcohol en drugsgebruik.
De stap naar de huisarts: wat kun je verwachten?
Als je na een jaar gericht proberen nog niet zwanger bent, is het een logisch moment om de huisarts te bezoeken. Dit kan best een spannende stap zijn. De arts zal de tijd nemen om eerst veel vragen te stellen. Dit vraaggesprek noemen we in de geneeskunde de anamnese. Je krijgt vragen over hoe lang jullie al proberen, de duur en regelmaat van je menstruatiecyclus, hoe vaak jullie vrijen in de vruchtbare periode (ideaal is 2 tot 3 keer per week rond de eisprong) en of je in het verleden ziektes, buikpijnklachten of buikoperaties hebt gehad.
Daarnaast kan de arts een lichamelijk onderzoek doen, zoals het meten van je gewicht (BMI) en kijken of er tekenen zijn die kunnen wijzen op PCOS, zoals ongewenste haargroei of acne. Er wordt vaak bloed geprikt om te kijken naar antistoffen tegen chlamydia. Zo’n infectie kan namelijk ongemerkt schade aan je eileiders hebben toegebracht. Tegelijkertijd wordt aan je partner gevraagd om zijn sperma te laten onderzoeken in een laboratorium, om de concentratie en de beweeglijkheid van de zaadcellen te controleren.
Kansberekening: waarom artsen soms adviseren om nog even te wachten
Als uit deze eerste onderzoeken bij de huisarts geen duidelijke afwijkingen naar voren komen, je cyclus is regelmatig, de zaadkwaliteit is voldoende en er is geen aanwijzing voor schade aan je eileiders, dan berekent de arts jullie kans op een spontane zwangerschap in het komende jaar. Hiervoor gebruiken zorgverleners een wetenschappelijk gevalideerd rekenmodel, vaak het model van Hunault genoemd.
Dit model kijkt naar een combinatie van factoren: jouw leeftijd, hoe lang jullie al proberen zwanger te worden, of je al eens eerder zwanger bent geweest (secundaire subfertiliteit) of nog nooit (primaire subfertiliteit), en de exacte uitslag van het zaadonderzoek. Vrouwen die in het verleden al eens zwanger zijn geweest, hebben volgens dit model een hogere voorspelde kans.
Komt uit deze berekening dat jullie kans op een natuurlijke zwangerschap groter is dan veertig procent? Dan zal de arts jullie vrijwel zeker adviseren om nog zes tot twaalf maanden af te wachten. Dit wordt een ‘expectatief beleid’ genoemd. Dit klinkt misschien heel teleurstellend en frustrerend als je voor je gevoel al zolang aan het wachten bent. Toch is hier een hele goede medische reden voor: vruchtbaarheidsbehandelingen in het ziekenhuis zijn lichamelijk en emotioneel zwaar. Uit grootschalig onderzoek blijkt bovendien dat medisch ingrijpen in deze specifieke situatie de kans op een doorgaande zwangerschap niet of nauwelijks groter maakt dan wanneer je het zelf nog even blijft proberen.
Is de berekende kans daarentegen lager dan dertig procent, of ben je inmiddels 38 jaar of ouder, dan zal de huisarts jullie wél direct doorverwijzen naar de gynaecoloog of fertiliteitsarts in het ziekenhuis voor verdere hulp.
Behandelingen in het ziekenhuis: hoe gaat het verder?
Wanneer je wordt doorverwezen naar het ziekenhuis, zijn er verschillende behandelingen mogelijk, afhankelijk van de precieze oorzaak van jullie verminderde vruchtbaarheid. De gynaecoloog bespreekt altijd met jullie welke optie het beste past en bouwt de behandelingen vaak stapsgewijs op.
- Ovulatie-inductie: Heb je geen regelmatige eisprong, zoals bij PCOS? Dan kan de arts de eisprong opwekken. Dit gebeurt vaak eerst met medicijnen in de vorm van tabletten (zoals letrozol of clomifeen). Soms worden er injecties met hormonen (gonadotrofinen) voorgeschreven. Tijdens deze behandeling word je regelmatig in het ziekenhuis gecontroleerd met vaginale echo’s om te zien of de eiblaasjes goed groeien en om de kans op een meerlingzwangerschap te bewaken.
- IUI (Intra-uteriene inseminatie): Hierbij wordt het sperma van je partner in het laboratorium ‘opgewerkt’. Dit betekent dat de beste en snelst bewegende zaadcellen worden geselecteerd. Op het exacte moment van jouw (natuurlijke of hormonaal opgewekte) eisprong worden deze zaadcellen met een heel dun slangetje direct in je baarmoeder ingebracht. Deze methode wordt vaak ingezet bij onverklaarde subfertiliteit of als de zaadkwaliteit licht verminderd is.
- IVF (In-vitrofertilisatie) en ICSI: Als mildere behandelingen niet werken, of als bijvoorbeeld je eileiders ernstig beschadigd zijn, kan IVF een optie zijn. Bij IVF krijg je dagelijkse hormooninjecties zodat er meerdere eitjes tegelijkertijd in je eierstokken rijpen. Deze eitjes worden via een kleine, inwendige ingreep (de punctie) uit je lichaam gehaald en in het laboratorium samengebracht met de zaadcellen. Als er een embryo ontstaat, wordt dit voorzichtig teruggeplaatst in je baarmoeder. Bij ICSI verloopt het proces voor jou grotendeels hetzelfde, maar in het laboratorium injecteert de analist één speciaal geselecteerde zaadcel rechtstreeks in jouw eicel. Dit wordt vaak geadviseerd als de zaadkwaliteit heel erg verminderd is.
De impact op jou, je partner en jullie relatie
We moeten niet vergeten dat subfertiliteit bij vrouwen veel meer is dan alleen een medisch gegeven. Het heeft vaak een enorme en diepgaande impact op hoe je je voelt. Maandenlang of zelfs jarenlang hopen en vervolgens weer teleurgesteld worden bij het zien van een menstruatie, kan leiden tot hevige gevoelens van verdriet, angst, eenzaamheid en soms zelfs depressie. Het kan voelen alsof jouw leven stilstaat en in een wachtkamer is beland, terwijl de wereld om je heen doordraait en vriendinnen of collega’s wel moeiteloos zwanger lijken te worden. Dit vergt veel van je veerkracht en is een hele normale reactie op een ontzettend stressvolle situatie.
Ook voor jullie relatie en jullie seksualiteit kan dit traject behoorlijk pittig zijn. Waar vrijen eerst draaide om plezier en spontaniteit, wordt het nu vaak gepland rondom de vruchtbare dagen op de kalender of een positieve ovulatietest. Seks wordt een doelgericht ‘moeten’ in plaats van iets intiems. Voor vrouwen kan deze spanning en de hyperfocus op het lichaam ertoe leiden dat de opwinding verdwijnt, waardoor vrijen soms zelfs pijnlijk kan worden (dit noemen we dyspareunie). Bij mannen kan de prestatiedruk om op commando te moeten ejaculeren leiden tot erectieproblemen of moeite met klaarkomen.
Wees je ervan bewust dat jullie absoluut niet de enigen zijn die hiermee worstelen. Het is van groot belang om met elkaar in gesprek te blijven over jullie gevoelens. Wees mild voor jezelf en voor elkaar. Als je merkt dat het psychisch of relationeel te zwaar voor jullie wordt, schaam je dan niet om dit aan te geven bij je behandelend arts of verloskundige. Zij kunnen jullie doorverwijzen naar medisch maatschappelijk werk of een gespecialiseerde psycholoog of seksuoloog. Deze professionals zijn gewend om paren in deze kwetsbare levensfase te ondersteunen en kunnen jullie helpen om de balans weer terug te vinden.
Je staat er niet alleen voor
Wachten op een zwangerschap is loodzwaar, en de diagnose subfertiliteit kan veel vragen en onzekerheid met zich meebrengen. Wat heel belangrijk is om te onthouden, is dat je in dit proces niet alleen staat. Medisch gezien zijn er tegenwoordig ontzettend veel mogelijkheden. Van kleine leefstijlaanpassingen en het betrouwbaar berekenen van jullie persoonlijke kansen in de huisartsenpraktijk, tot de meest geavanceerde technieken in het ziekenhuis.
Gun jezelf de tijd en de rust om deze informatie te laten bezinken. Mocht je je zorgen maken over je cyclus, of als je het gevoel hebt dat je emotioneel vastloopt, aarzel dan niet om je huisarts of verloskundige om advies te vragen. Zij zijn er om jou te begeleiden, serieus te nemen en je te informeren. Zo hou je zelf de controle en de regie over je eigen lichaam en jullie persoonlijke pad, hoe dat pad richting een eventueel ouderschap er ook uit mag zien.
Bronnen:
- Van Asselt, K. M., Hinloopen, R. J., Silvius, A. M., Van der Linden, P. J. Q., Van Oppen, C. C. A. N., & Van Balen, J. A. M. (2010). NHG-Standaard Subfertiliteit (M25) (Versie 3.0). Nederlands Huisartsen Genootschap