Skip to content
Menu
Vrouw verdrietig EUG

Dit artikel is geschreven door:

Leesduur 9 minuten
BabyBaby

Buitenbaarmoederlijke zwangerschap (EUG)

De ontdekking dat je zwanger bent, brengt vaak een stroom aan emoties, verwachtingen en vragen met zich mee. Maar soms loopt het prille begin van een zwangerschap anders dan je had gehoopt. Een van de complicaties die in de eerste weken kan optreden, is een buitenbaarmoederlijke zwangerschap. Als je hiermee te maken krijgt, of als je simpelweg op zoek bent naar betrouwbare, nuchtere informatie omdat je klachten hebt of je je wilt inlezen, ben je hier op de juiste plek.

In dit artikel nemen we rustig de tijd om stap voor stap uit te leggen wat een buitenbaarmoederlijke zwangerschap is, hoe je het herkent, wat de medische mogelijkheden zijn en wat dit betekent voor jouw lichaam en eventuele toekomstige kinderwens.

Wat is een buitenbaarmoederlijke zwangerschap precies?

Om te begrijpen wat er misgaat, is het goed om even stil te staan bij hoe een normale zwangerschap begint. Tijdens je eisprong komt er een eicel vrij uit een van je eierstokken. Deze eicel wordt opgevangen door de eileider (de tuba uterina). Als je rond dat moment seks hebt gehad, zwemmen de zaadcellen naar de eileider toe, waar de bevruchting plaatsvindt. Vervolgens maakt het bevruchte eitje een reis van een paar dagen door de eileider naar de baarmoederholte, om zich daar veilig in het zachte, voedzame baarmoederslijmvlies te nestelen.

Bij een buitenbaarmoederlijke zwangerschap, in de medische wereld een extra-uteriene graviditeit (of kortweg EUG) genoemd, stagneert deze reis. Het bevruchte eitje bereikt de baarmoeder niet, maar nestelt zich ergens anders. In veruit de meeste gevallen (zo’n 95%) gebeurt dit in de eileider zelf, wat we een tubaire graviditeit noemen. Heel af en toe vindt de innesteling ergens anders plaats, zoals in de eierstok, in de buikholte, in de baarmoederhals of in het littekentje van een eerdere keizersnede.

Dit is een heel verdrietige situatie, want buiten de baarmoeder is er niet de juiste ruimte en onvoldoende bloedtoevoer voor een embryo om uit te groeien tot een baby. De zwangerschap is daardoor helaas niet levensvatbaar en zal vrijwel altijd in de eerste zestien weken eindigen.

Buitenbaarmoederlijke zwangerschap

Zwangerschap met onbekende locatie (ZOL)

Soms is er sprake van een positieve zwangerschapstest, maar is er op een vroege echo nog nergens een zwangerschap te zien; niet in de baarmoeder, maar ook niet daarbuiten. Dit noemen artsen een Zwangerschap met Onbekende Locatie (ZOL). Dit kan betekenen dat je gewoon nog heel erg kort zwanger bent en het eitje nog te klein is om te zien, dat je een erg vroege miskraam hebt gehad, of dat het toch om een buitenbaarmoederlijke zwangerschap gaat. In dat geval word je altijd goed in de gaten gehouden met bloedonderzoek tot er duidelijkheid is.

Waardoor ontstaat het? (De risicofactoren)

Een buitenbaarmoederlijke zwangerschap komt voor bij ongeveer 1 op de 100 zwangerschappen. Vaak is het domme pech en kan er geen duidelijke oorzaak worden aangewezen. Toch zijn er bepaalde factoren die de kans erop wat kunnen vergroten. Het is goed om je hiervan bewust te zijn, zodat je, als dit op jou van toepassing is, extra alert kunt zijn.

De belangrijkste risicofactoren zijn:

  • Een eerdere EUG: Als je al eens een buitenbaarmoederlijke zwangerschap hebt gehad, is de kans op herhaling in de toekomst iets verhoogd.
  • Schade aan de eileiders: Dit kan komen door een eerdere operatie in je buik of bekken, of door een doorgemaakte eileiderontsteking (bijvoorbeeld door een chlamydia-infectie in het verleden). Littekenweefsel of verklevingen maken de doorgang voor het eitje moeilijker.
  • Roken: Roken heeft invloed op de piepkleine trilhaartjes aan de binnenkant van de eileider. Deze haartjes horen het eitje zachtjes naar de baarmoeder te ‘vegen’. Door roken werken ze minder goed, wat het risico op een EUG aanzienlijk vergroot.
  • Zwanger raken met een spiraaltje: Hoewel een spiraaltje zeer betrouwbaar is, is áls je er onverhoopt toch mee zwanger raakt, de kans relatief groter dat het eitje zich buiten de baarmoeder nestelt.
  • Vruchtbaarheidsbehandelingen: Na IVF-behandelingen wordt er een licht verhoogd risico gezien.
  • Endometriose: Deze aandoening kan verklevingen in de buikholte veroorzaken, wat de reis van het eitje bemoeilijkt.

Hoe herken je een buitenbaarmoederlijke zwangerschap? (Symptomen)

In het prille begin voel je je vaak gewoon zwanger. Je menstruatie blijft uit, je borsten kunnen gespannen aanvoelen en misschien ben je wat misselijk. Omdat de symptomen in de eerste weken zo sterk kunnen lijken op die van een normale zwangerschap of een beginnende miskraam, is de diagnose soms lastig te stellen.

De eerste waarschuwingssignalen zijn vaak:

  • Vaginaal bloedverlies: Dit kan variëren van een paar druppels tot een menstruatieachtige bloeding. Soms verlies je hierbij ook wat weefsel. De baarmoeder had zich namelijk hormonaal voorbereid op een zwangerschap en stoot nu het opgebouwde, zachte baarmoederslijmvlies af (een decidual cast genoemd). Dit kan heel erg lijken op een miskraam.
  • Pijn in de onderbuik: Dit kan beginnen als een zeurende pijn aan één kant van je bekken of onderbuik en steeds scherper worden.

Alarmsignalen

Wanneer de zwangerschap in de kleine ruimte van de eileider doorgroeit, komt de wand van de eileider onder enorme spanning te staan. In het ergste geval kan de eileider scheuren. Dit wordt een tubaruptuur genoemd en is een medische noodsituatie omdat het leidt tot interne bloedingen in je buikholte. Je lichaam geeft in dat geval duidelijke alarmbellen af:

  • Plotselinge, zeer hevige buikpijn.
  • Schouderpijn: Dit klinkt misschien vreemd, maar als er bloed in je buikholte lekt, prikkelt dit je middenrif (het buikvlies). De zenuwen daarvan staan in verbinding met je schouder, waardoor je een uitstralende pijn voelt rond je schouderbladen.
  • Duizeligheid, zweten en flauwvallen: Dit zijn tekenen van shock doordat je lichaam intern bloed verliest, zélfs als je aan de buitenkant geen bloedverlies ziet.
  • Pijn bij het toiletbezoek: Een flinke druk of pijnlijke aandrang bij het poepen kan ontstaan doordat bloed zich ophoopt in de ruimte tussen je baarmoeder en je endeldarm (het cavum Douglasi).

Bij deze alarmsignalen moet je altijd direct medische hulp inschakelen via je verloskundige, huisarts of de spoedeisende hulp.

Hoe wordt de diagnose gesteld?

Als je met buikpijn of bloedverlies bij een arts komt, is de allereerste stap altijd een simpele urine-zwangerschapstest. Is deze positief? Dan volgt een gestructureerd onderzoek, meestal in het ziekenhuis door een gynaecoloog.

1. De transvaginale echo (TVE)

Dit is een inwendige echo via de vagina. Het klinkt misschien spannend, maar het is de beste en veiligste manier om vroeg in de zwangerschap de baarmoeder en de eierstokken in beeld te brengen. De arts kijkt of er een vruchtzakje in de baarmoeder zit. Zo niet, dan wordt er zorgvuldig rond de eierstokken en eileiders gezocht naar een zwangerschapsring of een bloedstolsel (een zogenaamde ectopische massa). Soms is er ook wat vrij vocht of bloed in de buik te zien.

2. Bloedonderzoek (hCG-hormoon)

Als de echo geen uitsluitsel geeft (je hebt dan een ZOL, zoals eerder besproken), gaat de arts je bloed onderzoeken op de hoeveelheid hCG, het zwangerschapshormoon. Dit onderzoek wordt vaak na 48 uur herhaald.

  • Bij een gezonde, normale zwangerschap stijgt het hCG in die 48 uur aanzienlijk (met meer dan 50%).
  • Bij een miskraam daalt het hCG flink (met meer dan 20%).
  • Blijft het hCG een beetje schommelen, of stijgt het maar heel langzaam (een plateau)? Dan is de kans op een buitenbaarmoederlijke zwangerschap heel groot en zal de arts actie ondernemen.

Goed om te weten: Het meten van een ander hormoon, progesteron, heeft geen extra voorspellende waarde om de diagnose met zekerheid te stellen, dus dat wordt meestal niet gedaan.

Welke behandelingen zijn er?

Wanneer is vastgesteld dat je inderdaad een buitenbaarmoederlijke zwangerschap hebt, zal de gynaecoloog de behandelopties met je bespreken. Samen kijken jullie wat in jouw specifieke situatie de veiligste en best passende keuze is. Er zijn drie mogelijkheden:

1. Een afwachtend beleid (Natuurlijk verloop)

Het klinkt misschien gek om niets te doen, maar soms lost het lichaam het probleem zelf op. Dit kan alleen als je je lichamelijk goed voelt, je geen of nauwelijks buikpijn hebt, en je bloedwaarden (hCG) al laag zijn (onder de 1500 of 2000 IE/L) en een dalende trend laten zien. In zo’n 60% van de gevallen ruimt het lichaam de niet-levensvatbare zwangerschapscellen zelf op. Het grote voordeel hiervan is dat je geen medicijnen met bijwerkingen nodig hebt en geen operatie hoeft te ondergaan. Je blijft wel onder strikte controle in het ziekenhuis.

2. Medicamenteuze behandeling (Methotrexaat / MTX)

Als je lichamelijk stabiel bent en weinig klachten hebt, maar je hCG-waarde nog te hoog is om af te wachten (meestal tussen de 1500 en 5000 IE/L), kan er worden gekozen voor een behandeling met medicijnen. Je krijgt dan een injectie in je bil of bovenbeen met Methotrexaat (MTX). Dit is een celremmend medicijn dat de snelle deling van de zwangerschapscellen stopt.

Meestal is één injectie voldoende (een single dose). Na een week wordt je bloed opnieuw geprikt. Als het hormoon onvoldoende is gedaald (minder dan 15%), kan het zijn dat je nog een tweede prik nodig hebt. Het voordeel is dat je een operatie vermijdt. Een belangrijk aandachtspunt is wel dat dit medicijn enige tijd in je weefsels (zoals je lever) kan worden opgeslagen. Daarom krijg je het dringende medische advies om minimaal drie maanden te wachten met opnieuw zwanger worden, om er zeker van te zijn dat het medicijn helemaal uit je lichaam is verdwenen en een nieuw eitje niet kan beïnvloeden.

3. Chirurgische behandeling (Operatie)

Een operatie is altijd de eerste keus wanneer er een vermoeden is dat de eileider is gescheurd, als je veel pijn hebt, of als de zwangerschap op de echo al wat groter is (meer dan 4 centimeter) of zelfs hartactie vertoont. Ook als je hCG erg hoog is (boven de 5000 IE/L), is een operatie veiliger.

De ingreep gebeurt vrijwel altijd onder volledige narcose door middel van een kijkoperatie (laparoscopie). Hierbij maakt de gynaecoloog een paar kleine sneetjes in je buik om bij de eileider te komen. Er zijn dan twee technieken:

  • Tubectomie (verwijderen van de eileider): Als de andere eileider er gezond uitziet, heeft het medisch de voorkeur om de eileider met de zwangerschap erin in zijn geheel te verwijderen. Dit klinkt heel definitief, maar het is vaak de verstandigste keuze. Het grote voordeel is namelijk dat al het zwangerschapsweefsel in één keer gegarandeerd weg is. De kans op restjes (persisterende trofoblast) en bijkomende bloedingen is nagenoeg nul.
  • Tubotomie (sparen van de eileider): Als je andere eileider afwezig is of afwijkingen heeft (bijvoorbeeld door verklevingen), zal de arts proberen de eileider te sparen. Er wordt dan een klein sneetje in de eileider gemaakt om de zwangerschap eruit te zuigen, waarna het sneetje vanzelf weer dichtgroeit. Het nadeel van deze techniek is dat er soms onzichtbare microscopische cellen achterblijven die doorgroeien. Je moet daarna dus je bloed blijven controleren en hebt soms alsnog medicatie (MTX) of een tweede operatie nodig.

Wat betekent dit voor mijn vruchtbaarheid?
Het is heel begrijpelijk dat je na een operatie bang bent voor je toekomstige kinderwens. Gelukkig is er geruststellend nieuws uit grootschalig onderzoek. Voor je kansen om in de toekomst spontaan zwanger te worden, maakt het geen verschil of de eileider gespaard is, of dat deze in zijn geheel is weggenomen (zolang de andere eileider gezond is). In beide gevallen liggen je kansen op een doorgaande zwangerschap door natuurlijke bevruchting na 36 maanden rond de 56% tot 60%.

De impact op jou en je herstel

Lichamelijk herstellen van een behandeling of operatie vraagt tijd. Geef je lichaam rust om de medicatie te verwerken of de kleine wondjes van de kijkoperatie te laten genezen.

Maar minstens zo belangrijk is je emotionele herstel. Een buitenbaarmoederlijke zwangerschap is niet zomaar een medische handeling; het is het verlies van een zwangerschap, van een toekomstdroom, en het kan gepaard gaan met angst en onzekerheid. Veel vrouwen ervaren in het begin vooral een ‘overlevingsstand’ omdat het medisch gezien soms erg snel gaat of zelfs gevaarlijk was. Pas als je thuis bent, komt de klap.

Gevoelens van verdriet, rouw, boosheid of het verlies van vertrouwen in je eigen lichaam zijn heel normaal. Neem de ruimte om hierbij stil te staan. Praat erover met je partner, want ook voor hem of haar kan het een angstige en verdrietige periode zijn geweest. Mocht je merken dat je vastloopt, schroom dan niet om extra begeleiding aan te vragen. Je verloskundige, huisarts of gynaecoloog kan je doorverwijzen voor steun of lotgenotencontact, bijvoorbeeld via organisaties zoals Freya (de vereniging voor mensen met vruchtbaarheidsproblemen).

Opnieuw zwanger worden

Als je na je herstel besluit dat jullie er weer klaar voor zijn om zwanger te proberen te worden, is dat vaak een spannende stap. Elke kramp of pijntje kan je herinneren aan je eerdere ervaring.

Weet dat je er de volgende keer niet alleen voor staat. Vrouwen die een buitenbaarmoederlijke zwangerschap hebben doorgemaakt, krijgen bij een volgende positieve zwangerschapstest preconceptioneel of bij het prille begin altijd extra begeleiding. Je krijgt het dringende advies om direct contact op te nemen met je arts of verloskundige zodra je weer zwanger bent. Ter geruststelling, en om medische risico’s uit te sluiten, mag je dan al heel vroeg in de zwangerschap langskomen. Meestal wordt er rond de 5 tot 7 weken al een vroege vaginale echo gepland. Zo kan de arts snel controleren of het eitje deze keer wél veilig in je baarmoeder is geland en kun jij met meer rust aan je nieuwe zwangerschap beginnen.

Bronnen:

Renate Sal Avatar

Renate Sal

Verloskundige in opleiding

Als verloskundige in opleiding én moeder van drie kinderen combineer ik medische vakkennis met de nuchtere praktijk van het moederschap. Voor Zwangerennu.nl schrijf ik op basis van de officiële literatuur van de opleiding tot verloskundige en de meest actuele medische richtlijnen. Mijn missie? Jou als (aanstaande) moeder voorzien van betrouwbare, wetenschappelijk onderbouwde informatie met een eerlijke en realistische blik op deze bijzondere periode.

Areas of Expertise: Verloskunde
Gebaseerd op medische bronnen en de nieuwste richtlijnen

Our Fact Checking Process

Onze kwaliteitsbelofte

Wij hechten veel waarde aan de nauwkeurigheid en integriteit van onze content. Om deze hoge standaard te waarborgen, werken we volgens de volgende principes:

  • Expert Review: Alle artikelen worden zorgvuldig gecontroleerd door experts binnen het vakgebied.

  • Betrouwbare Bronnen: Onze informatie is gebaseerd op geloofwaardige en actuele medische bronnen. Hierbij maken we primair gebruik van de geadviseerde literatuur voor de opleiding tot verloskundige, aangevuld met de meest recente medische richtlijnen.

  • Transparantie: We hanteren een heldere bronvermelding en zijn open over eventuele belangenverstrengelingen.

Inhoud