Skip to content
Menu
Ontsluiting tijdens de bevalling

Alles over ontsluiting tijdens de bevalling

De bevalling komt dichterbij en waarschijnlijk heb je het woord al vaak gehoord: ontsluiting. Het is een van de meest besproken onderdelen van de geboorte, maar wat gebeurt er nu precies in je lichaam? Misschien kijk je er met spanning naar uit of vraag je je af hoe lang het duurt. In dit artikel lees je alles over de ontsluiting tijdens de zwangerschap en de bevalling.

Dit artikel is geschreven door:

Leesduur 6 minuten

Wat is ontsluiting precies?

De bevalling wordt medisch ingedeeld in verschillende ’tijdperken’, waarvan het eerste de ontsluitingsfase is. Simpel gezegd is dit het proces waarbij de baarmoedermond (de cervix) zich opent om de baby door te laten. Tijdens de zwangerschap is de baarmoedermond een gesloten, lange tuit van ongeveer 3 tot 4 centimeter die moet veranderen om je baby geboren te laten worden. Dit gebeurt door een samenwerking van twee delen van je baarmoeder: de bovenkant (het actieve deel) trekt tijdens een wee samen en wordt dikker en korter, terwijl de onderkant (het passieve deel) hierdoor juist wordt opgerekt, dunner en wijder gemaakt.

Verstrijken en ontsluiten

Voordat de baarmoedermond echt open gaat staan, moet hij eerst korter en weker worden; dit noemen we het ‘verstrijken’. Hierbij wordt de tuit opgenomen in de baarmoederwand tot hij helemaal plat is. Er is wel een interessant verschil afhankelijk van of je al eerder bevallen bent: bij een eerste kindje verstrijkt de baarmoedermond vaak eerst volledig voordat de ontsluiting begint, terwijl bij een volgend kindje het verstrijken en ontsluiten meestal tegelijkertijd gebeurt.

Hoe begint het proces? (Hormonen en rijping)

Je lichaam bereidt zich vaak al voor zonder dat je het doorhebt. Het ontsluiten is namelijk niet alleen een kwestie van spierkracht, maar ook van hormonen. Tegen het einde van de zwangerschap zorgt een samenspel van hormonen en stoffen (zoals prostaglandinen) voor de zogenaamde ‘cervixrijping’. Het bindweefsel in de baarmoedermond verandert van structuur en neemt meer vocht op. Hierdoor wordt de mond zacht en rekbaar. Tijdens de bevalling spelen nog een aantal belangrijke hormonen een rol:

  • Oxytocine: Dit kennen we als het ‘liefdeshormoon’, maar tijdens de bevalling zorgt het voor krachtige weeën.
  • Relaxine: Helpt, zoals de naam al zegt, bij het weker worden van het weefsel.
  • Ferguson-reflex: Wanneer het hoofdje van de baby of de vliezen tegen de baarmoedermond drukken, krijgt je hersenen een seintje om extra oxytocine aan te maken. Dit versterkt de weeën op een natuurlijke manier.

De fases van de ontsluiting

De weg naar volledige ontsluiting is geen rechte lijn. We verdelen dit proces in twee hoofdfasen. Het is goed om te weten dat dit verloop per vrouw en per bevalling verschilt. 

1. De Latente Fase

Dit is de startfase. Je hebt regelmatige, vaak al pijnlijke samentrekkingen. Deze weeën zorgen ervoor dat de baarmoedermond zacht wordt, naar het midden beweegt en verstrijkt. Volgens de nieuwste inzichten loopt deze fase door tot ongeveer 5 à 6 centimeter ontsluiting. Deze fase kan best lang duren en dat is normaal. Dit hoeft geen reden tot zorg te zijn; je lichaam neemt de tijd die nodig is.

2. De Actieve Fase

Nu komt de bevalling in een stroomversnelling. De baarmoedermond is verstreken en de ontsluiting vordert sneller. De weeën zijn krachtiger, komen vaker en duren langer (ongeveer 60 seconden). Vroeger dacht men dat 1 cm per uur de norm was, maar we weten nu dat het bij veel vrouwen ook iets rustiger of juist sneller kan gaan zonder dat er iets mis is. In onderstaande tabel zie je wat je ongeveer kunt verwachten per fase. 

Fase Ontsluiting (cm) Kenmerken & Verloop
Latente Fase 0 tot 5-6 cm Regelmatige weeën die zorgen voor verweken en verstrijken. Kan lang duren (soms >20 uur bij een eerste kindje).
Actieve Fase 6 tot 10 cm De baarmoedermond is verstreken. Weeën zijn krachtiger en frequenter. De snelheid verdubbelt vaak in deze fase.
Volkomen Ontsluiting 10 cm De baarmoedermond is volledig weg. De uitdrijvingsfase kan beginnen (persen).

 

Wat helpt de ontsluiting vorderen?

Het is fijn om te weten dat je tijdens de bevalling geen passieve toeschouwer bent. Hoewel je lichaam het zware werk doet, kun jij dit natuurlijke proces ondersteunen. Je hebt namelijk meer invloed op het verloop dan je misschien denkt. Door de juiste omstandigheden te creëren, geef je je lichaam de ruimte en rust die het nodig heeft om zijn werk te doen. Er zijn verschillende factoren die de ontsluiting hierbij kunnen helpen of juist kunnen afremmen.

Houding en beweging

Maak gebruik van de zwaartekracht. Een verticale houding (zoals staan, lopen of zitten op een bal) verkort de ontsluitingsfase gemiddeld met anderhalf uur. Het helpt het hoofdje van de baby om druk uit te oefenen op de baarmoedermond, wat weer zorgt voor betere weeën.

Omgeving en ontspanning

Angst en stress zorgen voor de aanmaak van adrenaline. Adrenaline is de tegenhanger van oxytocine en kan de weeën afzwakken of zelfs stoppen. Een veilige, rustige en warme omgeving is daarom erg belangrijk.

Licht en donker

Het hormoon melatonine werkt samen met oxytocine om weeën te versterken. Melatonine maak je aan als het donker is. Dit verklaart waarom veel bevallingen ’s nachts op gang komen en waarom gedimd licht in de verloskamer de voortgang kan helpen.

Als het even niet vordert

Soms verloopt de ontsluiting langzamer dan verwacht. We spreken van een ‘niet-vorderende ontsluiting’ als er in de actieve fase (na 6 cm) gedurende 4 tot 6 uur geen vooruitgang is. Dit kan komen door zwakkere weeën of doordat je baby er niet goed ‘voor ligt’. Gelukkig zijn er dingen die je eerst zelf kunt proberen om de boel weer op gang te krijgen. Beweging is vaak de sleutel: wissel regelmatig van houding, ga op handen en knieën zitten of wieg je heupen op een geboortebal om je baby de ruimte te geven goed te draaien. Ook warmte doet wonderen; een warme douche of bad helpt je diep te ontspannen, wat de aanmaak van oxytocine bevordert. Vergeet daarnaast niet om regelmatig te plassen, want een volle blaas kan de indaling soms net in de weg zitten.

Mocht dit alles onvoldoende effect hebben, dan kan de zorgverlener in overleg met jou besluiten om de natuur een medisch handje te helpen. Dit kan door de vliezen te breken (als die nog heel waren) of door medicatie (synthetische oxytocine) te geven om de weeën krachtiger te maken.

Volledige ontsluiting: klaar voor de volgende stap

Uiteindelijk bereik je het punt van ‘volkomen ontsluiting’. De baarmoedermond is volledig verdwenen en de weg is vrij voor de baby. Meestal is dit rond de 10 centimeter. Vaak voel je op dit moment ook een sterke drang om mee te duwen: persdrang. Dit komt doordat het hoofdje van de baby diep genoeg is gezakt en op de bekkenbodem en het rectum drukt. Is er wel volledige ontsluiting maar nog geen persdrang? Dan wordt er vaak rustig gewacht tot de baby vanzelf wat dieper zakt (passive descent) voordat je actief begint met persen.

Vertrouw op je eigen lichaam

Het proces van ontsluiting is een knap staaltje samenwerking van je lichaam en je baby. Hoewel de gemiddelden en cijfers houvast geven, is iedere bevalling uniek. Vertrouw erop dat jouw lichaam gebouwd is voor deze taak. Heb je vragen over het verloop of maak je je zorgen? Bespreek dit dan altijd met je verloskundige of gynaecoloog. Zij staan klaar om je te begeleiden, zodat jij je kunt focussen op dat ene belangrijke doel: de ontmoeting met je kindje.

Bronnen

Dit artikel is geschreven door: 

Renate Sal

Als verloskunde in opleiding én moeder van drie kinderen heb ik een passie ontwikkeld voor alles wat met zwangerschap en geboorte te maken heeft. Deze passie heb ik vertaald naar het online platform Zwangerennu.nl, waar ik mijn kennis, studie-inzichten en persoonlijke ervaringen deel. Mijn doel is om (aanstaande) moeders te ondersteunen, te informeren en met een nuchtere blik te begeleiden tijdens deze bijzondere periode in hun leven.

Inhoud