De verschillende fasen: vroege start versus actieve bevalling
Om te begrijpen waarom weeën soms niet doorzetten, is het handig om naar de verschillende fasen van de ontsluiting te kijken. Niet elke wee zorgt direct voor centimeters ontsluiting; vaak is er eerst veel voorwerk nodig om de baarmoedermond te laten verstrijken.
De latente fase (de ‘vroege start’)
Dit is de voorbereidende fase waarin je baarmoedermond weker en korter wordt. Pas daarna begint de mond langzaam open te gaan, tot ongeveer 5 à 6 centimeter. In deze fase is het heel gebruikelijk dat weeën onregelmatig zijn. Ze kunnen uren aanhouden en dan weer stoppen. Dit is medisch gezien geen teken dat er iets mis is, maar het kost wel veel energie.
Weeënzwakte
Soms spreken verloskundigen van weeënzwakte. Dit kan op twee momenten gebeuren:
- Primaire weeënzwakte: De contracties zijn vanaf het begin niet krachtig of frequent genoeg om de actieve fase van de bevalling op gang te brengen.
- Secundaire weeënzwakte: De bevalling begon goed, maar later in het proces zwakken de weeën af. Dit kan komen door uitputting van de baarmoederspier of de ligging van de baby.
De hormonale strijd: Oxytocine versus Adrenaline
Je lichaam is tijdens de bevalling een kleine chemische fabriek. Het belangrijkste hormoon voor goede weeën is oxytocine. Dit hormoon zorgt ervoor dat je baarmoeder krachtig samentrekt. Echter, de aanmaak van oxytocine is zeer gevoelig voor je omgeving en je gemoedstoestand.
Wanneer je stress, angst of extreme pijn ervaart, maakt je lichaam adrenaline aan. Adrenaline is het ‘vecht-of-vluchthormoon’ en heeft een direct weeënremmend effect. Het blokkeert de werking van oxytocine, waardoor de weeën inefficiënt worden. Voor de baby kan dit op den duur leiden tot minder zuurstof en het lozen van meconium (de eerste ontlasting) in het vruchtwater.
Het effect van licht en donker op je weeën
Wist je dat de aanmaak van oxytocine nauw samenwerkt met ons biologische dag-nachtritme? Aan het einde van de zwangerschap vertoont de natuurlijke afgifte van oxytocine duidelijke pieken gedurende de nacht. Dit komt door de samenwerking met melatonine, het ‘nachthormoon’. Melatonine zorgt ervoor dat de baarmoederspier gevoeliger wordt voor oxytocine door het aantal receptoren te verhogen en de prikkelgeleiding tussen de spiercellen te verbeteren.
Licht heeft daarentegen een remmend effect. Blootstelling aan fel (dag)licht remt de aanmaak van melatonine, wat direct kan leiden tot een afname in de frequentie en duur van de weeën. Dit verklaart waarom veel bevallingen ’s nachts spontaan op gang komen of ’s ochtends weer lijken af te zwakken wanneer het licht wordt. Voor een vlotte voortgang is een schemerige, rustige omgeving dus niet alleen prettig, maar ook fysiologisch zinvol.
Ondersteuning van je partner: creëer een ‘beval-bubbel’
Je partner speelt een grote rol in het laag houden van je adrenaline en het stimuleren van oxytocine. Een ‘beval-bubbel’ is een omgeving waarin jij je volledig veilig en onbespied voelt. Je partner kan dit ondersteunen door prikkels van buitenaf te minimaliseren: houd de lichten gedimd, beperk het aantal mensen in de kamer en zorg voor een aangename temperatuur. Liefdevolle aanraking, een massage van de onderrug of simpelweg het vasthouden van je hand kan al zorgen voor een flinke oxytocine-boost. Wanneer jij je gesteund en geborgen voelt, krijgen je natuurlijke hormonen de ruimte om hun werk te doen, wat de kans verkleint dat de weeën stagneren door spanning of onzekerheid.

Wat kun je zelf doen als de weeën stagneren?
Zolang je vliezen nog intact zijn en de baby het goed maakt, is er medisch gezien vaak geen haast. Dit geeft je de ruimte om zelf een aantal dingen te doen die je lichaam helpen ontspannen, zodat de natuurlijke oxytocine weer de overhand krijgt.
- Warmte en ontspanning: Een warm bad of een lange, warme douche is een van de meest effectieve manieren om de adrenalinepiek te verlagen. Vaak zie je dat weeën na een bad óf rustig afzakken (zodat je kunt slapen), óf juist krachtiger terugkomen omdat de ontspanning de weg vrijmaakt.
- Gebruik de zwaartekracht: Blijf niet op je rug liggen; dit is vaak de minst gunstige houding voor de voortgang. Verticale houdingen, zoals staan, wandelen of op een skippybal zitten, maken slim gebruik van de zwaartekracht. Het hoofdje van de baby drukt dan harder op de baarmoedermond, wat de aanmaak van oxytocine stimuleert.
- Mobiliteit en traplopen: In beweging blijven, ook wel ‘ambulation’ genoemd, helpt om het hoofdje goed in de bekkeningang te sturen. Traplopen of wiegen met het bekken zorgt voor extra flexibiliteit in de bekkengewrichten, waardoor er letterlijk meer ruimte ontstaat voor de baby om te zakken. Onderzoek toont aan dat vrouwen die mobiel blijven gemiddeld ruim een uur korter over de ontsluiting doen.
- Bezoek het toilet: Een volle blaas kan letterlijk een fysieke blokkade vormen. Door regelmatig te gaan plassen, geef je de baarmoeder de maximale ruimte om effectief samen te trekken.
- Pak je rust: Als de weeën onregelmatig blijven, probeer dan echt even weg te zakken in een donkere kamer. Je hebt elke gram energie straks hard nodig voor de actieve fase.
Wanneer grijpt de verloskundige of gynaecoloog in?
Als de ontsluiting echt stagneert en je bent uitgeput, zal de zorgverlener kijken hoe ze de bevalling een duwtje in de rug kunnen geven.
Vliezen breken (amniotomie)
Door de vliezen kunstmatig te breken met een klein haakje, zakt de baby vaak dieper in het bekken. De directe druk van het hoofdje op de baarmoedermond is vaak precies de prikkel die het lichaam nodig heeft om krachtigere weeën te gaan maken. Let wel op: als de baby nog niet is ingedaald, is er een klein risico op een uitgezakte navelstreng. In dit geval zal de verloskundige je vliezen niet breken.
Bijstimulatie met oxytocine
Mocht het breken van de vliezen niet genoeg resultaat geven, dan kan er in het ziekenhuis gekozen worden voor bijstimulatie. Hierbij wordt via een infuus synthetische oxytocine toegediend om de weeën krachtiger te maken. De conditie van de baby wordt dan constant gemonitord met een CTG.
Pijnstilling
Soms is een ruggenprik de oplossing voor weeën die niet doorzetten. Door het wegnemen van de pijn valt de stress weg, waardoor je lichaam zich eindelijk kan ontspannen en de ontsluiting plotseling weer vordert.
Wanneer moet je de verloskundige bellen?
Het is belangrijk om contact op te nemen als je het gevoel hebt dat je het niet meer alleen redt of als de situatie verandert. Neem contact op in de volgende gevallen:
- Je verliest vruchtwater (vliezen gebroken).
- Je verliest bloed.
- Je voelt de baby minder bewegen dan normaal.
- De weeën worden zo intens dat je ze niet meer kunt opvangen of als je twijfelt over wanneer je moet bellen.
Nog even volhouden
Als je weeën niet doorzetten, betekent dat niet dat je lichaam het niet kan. Het betekent meestal dat je baarmoeder nog bezig is met de voorbereiding of dat stresshormonen het proces tijdelijk remmen. Door rust te zoeken in een donkere omgeving, verticale houdingen aan te nemen en te vertrouwen op de begeleiding van je verloskundige, komt de actieve fase vanzelf dichterbij. Onthoud dat elke kramp, hoe onregelmatig ook, je een stapje dichter bij de ontmoeting met je kindje brengt.
Bronnen:
-
Blackburn, S. T. (2018). Maternal, fetal & neonatal physiology: A clinical perspective (5e dr.). Elsevier.
De Jonge, A., Verhoeven, C., Feijen-de Jong, E., Van Dillen, J., & Bakker, P. (2025). Praktische verloskunde (15e herz. dr.). BSL Media & Learning. -
Landon, M. B., Galan, H. L., Jauniaux, E. R. M., Driscoll, D. A., Berghella, V., Grobman, W. A., Gabbe, S. G., Niebyl, J. R., & Simpson, J. L. (z.d.). Gabbe’s obstetrics essentials: Normal and problem pregnancies. Elsevier.
-
Macdonald, S., & Johnson, G. (Red.). (2023). Mayes’ midwifery (16e dr.). Elsevier.
-
Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie (NVOG). (2020). NVOG-richtlijn ‘Methoden van inductie van de baring’ 2.0. NVOG.
-
World Health Organization. (2018). WHO recommendations: Intrapartum care for a positive childbirth experience. World Health Organization.