Skip to content
Menu
Keizersnede

Alles over de keizersnede

Als je in verwachting bent, bereid je je waarschijnlijk voor op de bevalling. Voor veel vrouwen is het beeld van een spontane, vaginale bevalling het uitgangspunt. Toch loopt een zwangerschap of bevalling soms anders dan je van tevoren had bedacht, en komt je kindje via een keizersnede ter wereld. Misschien weet je al dat je een geplande keizersnede krijgt en wil je je goed inlezen, of misschien ben je gewoon nieuwsgierig naar wat er allemaal kan gebeuren als een vaginale bevalling niet mogelijk blijkt.

Het is heel normaal dat je onzeker bent of vragen hebt over deze ingreep. Een keizersnede is tenslotte een grote buikoperatie, maar het is tegelijkertijd ook de geboorte van jouw kindje. In dit uitgebreide artikel lopen we rustig en stap voor stap met je door het hele proces heen. We bespreken wat een keizersnede is, welke soorten er zijn, hoe de operatie verloopt en wat je kunt verwachten van het herstel, zowel lichamelijk als mentaal. We leggen de medische termen uit en focussen op de feiten, zodat je precies weet waar je aan toe bent.

Dit artikel is geschreven door:

Leesduur 12 minuten

Wat is een keizersnede precies?

Een keizersnede, in medische termen ook wel sectio caesarea genoemd, is een operatie waarbij je baby via een snede in je buikwand en je baarmoeder ter wereld komt. Het is een van de meest uitgevoerde operaties ter wereld. Om je een idee te geven: in 2021 beviel 17,7% van de zwangeren in Nederland door middel van een keizersnede. Dat betekent dat bijna één op de vijf tot zes vrouwen op deze manier moeder wordt. Je bent dus zeker niet de enige.

Keizersnede

Hoewel de ingreep veel voorkomt en over het algemeen zeer veilig is, blijft het een grote operatie die tijd en energie vraagt om van te herstellen. De arts (de gynaecoloog) snijdt door verschillende weefsellagen heen om bij je baby te komen, en die weefsels moeten daarna zorgvuldig gehecht worden en genezen.

Waarom wordt een keizersnede uitgevoerd?

Een gynaecoloog zal je alleen een keizersnede adviseren als een vaginale bevalling niet mogelijk is of als een vaginale bevalling te grote risico’s met zich meebrengt voor de gezondheid van jou, je baby, of jullie allebei. Er zijn verschillende redenen (indicaties) om voor deze operatie te kiezen:

  • Een afwijkende ligging van de baby: Soms ligt een baby dwars in de baarmoeder, of in een stuitligging (met de billen of voeten naar beneden). Bij een stuitligging kun je vaak nog kiezen tussen een vaginale stuitbevalling of een geplande keizersnede, waarbij de arts je helpt de voor- en nadelen af te wegen.
  • Problemen met de placenta: Als de moederkoek (placenta) deels of helemaal over de baarmoedermond ligt (placenta praevia), is de uitgang geblokkeerd en is een vaginale bevalling onmogelijk.
  • Het niet vorderen van de bevalling: Dit is een veelvoorkomende reden voor een ongeplande keizersnede. De weeën zijn begonnen, maar de ontsluiting stagneert of de baby daalt niet ver genoeg in het bekken, ondanks goede weeën.
  • Zuurstofgebrek bij de baby (foetale nood): Tijdens de bevalling wordt de hartslag van de baby in de gaten gehouden. Als er tekenen zijn dat je kindje het moeilijk heeft en zuurstofgebrek dreigt op te lopen, besluit de arts soms dat de baby snel geboren moet worden via een keizersnede.
  • Belemmeringen in het bekken: Bijvoorbeeld door een grote vleesboom (myoom) die in de weg ligt.
  • Een eerdere keizersnede: Als je in het verleden al eens een keizersnede hebt gehad, kun je in een volgende zwangerschap vaak kiezen voor een geplande herhaalkeizersnede.

Verschillende soorten keizersneden

We maken grofweg onderscheid tussen twee hoofdtypen keizersneden: de geplande (primaire) en de ongeplande (secundaire) keizersnede. Daarnaast zijn er tegenwoordig prachtige, vernieuwende manieren waarop de operatie wordt uitgevoerd om de geboorte-ervaring zo mooi mogelijk te maken.

De primaire (geplande) keizersnede

Soms is al ruim voor de bevalling duidelijk dat een vaginale baring niet verstandig of mogelijk is. Je plant dan samen met de gynaecoloog een datum voor de operatie. Dit geeft rust, omdat je precies weet wanneer je kindje geboren wordt. Je kunt je op je eigen tempo mentaal en praktisch voorbereiden.

De secundaire (ongeplande of spoed) keizersnede

Vaak wordt pas tijdens de bevalling duidelijk dat een keizersnede nodig is. Bijvoorbeeld omdat de ontsluiting stopt of de baby het moeilijk krijgt. Voor veel vrouwen en hun partners kan dit een overweldigende ervaring zijn. Je hebt je misschien lang ingesteld op een vaginale bevalling, en ineens staat de kamer vol met zorgverleners en word je naar de operatiekamer gereden. Hoewel dit spoed wordt genoemd, is er in de meeste gevallen nog voldoende tijd om je rustig voor te bereiden en een ruggenprik te zetten.

De gentle sectio (natuurlijke keizersnede)

Tegenwoordig wordt in ziekenhuizen, zowel bij geplande als ongeplande keizersneden, zoveel mogelijk gewerkt volgens de principes van de gentle sectio (zachte of natuurlijke keizersnede). Het doel hiervan is om de voordelen en de sfeer van een natuurlijke bevalling zoveel mogelijk na te bootsen.

Wat dit betekent voor jou? Je gezin blijft zoveel mogelijk bij elkaar. Tijdens de operatie wordt het operatiedoek vaak even verlaagd of transparant gemaakt, zodat jij en je partner kunnen meekijken op het moment dat jullie kindje uit de buik wordt getild. De artsen nemen de tijd voor de geboorte. De baby wordt vaak langzaam geboren, wat helpt om het vocht uit de longetjes van de baby te persen. De navelstreng mag rustig uitkloppen voordat deze wordt doorgeknipt. Na een snelle check door de kinderarts, krijg je je baby direct op je blote borst (huid-op-huidcontact). Dit zorgt voor een zachtere overgang voor de baby, een betere temperatuurregulatie en een mooie start voor jullie hechting.

De moeder-geassisteerde keizersnede (MAC)

Een relatief nieuwe en zeer bijzondere variant is de moeder-geassisteerde keizersnede (maternal assisted c-section). Bij deze geplande operatie maak jij als moeder actief deel uit van het operatieteam. Je krijgt voor de operatie speciale, steriele kleding en handschoenen aan. Zodra de gynaecoloog de baby voor een deel uit de baarmoeder heeft gehaald, mag jij zelf naar beneden reiken, je baby vastpakken en uit je buik tillen.

Jij bent hierdoor de allereerste die je kindje aanraakt. Je legt je baby direct op je eigen borst, waar het onafgebroken kan blijven liggen terwijl de artsen de wond weer sluiten. Deze methode vraagt wat meer voorbereiding en tijd op de operatiekamer, en kan daarom alleen bij een vooraf geplande keizersnede worden toegepast. Veel vrouwen, met name vrouwen die eerder een traumatische bevalling hebben meegemaakt, ervaren dit als een ontzettend krachtige en helende manier van bevallen, omdat ze zelf de regie houden.

Hoe bereid je je voor op een geplande keizersnede?

Als je een geplande keizersnede krijgt, ga je in de weken voor de operatie naar het ziekenhuis voor een voorbereidend gesprek. Je spreekt dan de gynaecoloog of de verpleegkundige, en de anesthesioloog (de arts die over de verdoving gaat). Zij bespreken je gezondheid en leggen uit welke verdoving je krijgt. Ook wordt er bloed geprikt om je bloedgroep en ijzergehalte (Hb) te bepalen.

Voor de ingreep moet je nuchter zijn. Dit betekent dat je een aantal uren voor de operatie niets meer mag eten of drinken. Dit is belangrijk om te voorkomen dat er maaginhoud in je longen terechtkomt tijdens de operatie. De precieze regels over tot wanneer je mag eten en drinken hoor je van het ziekenhuis.
Daarnaast neem je, net als bij elke bevalling, een ‘vluchttas’ mee. Zorg voor comfortabele, ruimvallende kleding (zoals grote onderbroeken die hoog in de taille vallen en niet op de wond drukken) en natuurlijk kleertjes voor de baby.

Stap voor stap: wat gebeurt er tijdens de operatie?

De verdoving

Op de operatiekamer (OK) krijg je in vrijwel alle gevallen een regionale verdoving, oftewel een ruggenprik (spinale of epidurale anesthesie). Het voordeel hiervan is dat je onderlichaam volledig verdoofd is, maar je gewoon wakker bent om de geboorte van je kindje bewust mee te maken. Algehele narcose wordt alleen toegepast in zeer hoge en acute noodsituaties, of wanneer een ruggenprik om medische redenen niet mogelijk is.

Tijdens het zetten van de ruggenprik moet je je rug zo bol mogelijk maken. Dit kan best even lastig zijn met een dikke buik, maar de verpleegkundige helpt je hierbij. Zodra de verdoving werkt, voelen je benen warm en tintelend aan, en daarna kun je ze niet meer bewegen. Je voelt geen pijn meer, maar je voelt nog wel dat ze met je bezig zijn (druk of een trekkend gevoel). Dat is heel normaal.
Er wordt ook een urinekatheter (een dun slangetje) in je blaas ingebracht om de urine af te voeren, omdat je dit met de verdoving niet meer zelf kunt aansturen. Vaak gebeurt dit als de verdoving al werkt, zodat je er niets van voelt.

De operatie en de geboorte

Voor je buik wordt een steriel doek gespannen, zodat je het operatiegebied zelf niet ziet, maar je partner zit naast je bij je hoofd. De gynaecoloog maakt een horizontale snede (de zogenaamde bikinisnede) net boven je schaambeen. Vervolgens worden de spieren opzij geschoven en wordt de baarmoeder, meestal in het onderste deel, geopend.

 

Kindje geboren keizersnede

Dan is het zover: je baby wordt geboren. Soms vraagt de arts of een assistent zachtjes op de bovenkant van je buik wil duwen om het kindje naar beneden te begeleiden. De geboorte zelf gaat vaak erg snel, meestal binnen vijftien minuten nadat de operatie is begonnen. Bij een gentle sectio gaat het doek omlaag en mag je kijken hoe je kindje tevoorschijn komt. Zodra de navelstreng is doorgeknipt en de kinderarts even snel gekeken heeft of de baby het goed doet, krijg je je kleintje lekker warm op je borst.

Het hechten

Nadat de baby is geboren en de moederkoek (placenta) is verwijderd, start de gynaecoloog met het sluiten van de baarmoeder en de buikwand. Dit hechten duurt langer dan de geboorte zelf, reken op ongeveer een half uur. De hechtingen in de buikhuid lossen in de meeste gevallen vanzelf op, of er worden nietjes gebruikt die na ongeveer een week verwijderd worden. Als alles klaar is, ga je samen met je baby en je partner naar de uitslaapkamer (recovery) waar jullie even in alle rust kunnen bijkomen en waar je, als je dat wilt, voor het eerst kunt proberen borstvoeding te geven.

Het herstel na een keizersnede: de eerste dagen en weken

Een keizersnede is een middelgrote chirurgische ingreep, wat betekent dat je lijf tijd nodig heeft om te herstellen. Verwacht dat je je in de beginfase vermoeider en kwetsbaarder voelt dan je misschien had gehoopt. Het herstel duurt doorgaans echt langer dan na een ongecompliceerde vaginale bevalling.

De eerste 24 tot 48 uur in het ziekenhuis

Na de operatie blijf je vaak 24 uur (bij een geplande keizersnede) tot 36 of 48 uur (bij een ongeplande keizersnede) in het ziekenhuis. Verpleegkundigen controleren regelmatig je bloeddruk, de wond en de hoeveelheid bloedverlies.

  • Pijnstilling en bloedverdunners: Je krijgt pijnstillers om de wondpijn en de nare naweeën op te vangen. Accepteer deze medicatie gerust; pijn remt het herstel af. Omdat operaties en bedrust de kans op bloedstolsels vergroten, krijg je dagelijks een klein prikje in je been of buik met een bloedverdunnend middel (heparine) om trombose te voorkomen.
  • Mobiliseren: Het is van groot belang dat je relatief snel weer in beweging komt. Zodra de ruggenprik is uitgewerkt (vaak na een uur of zes), word je gestimuleerd om even op de rand van het bed te zitten of naar het toilet te wandelen. Dit helpt om complicaties te voorkomen en brengt je darmen weer op gang. De katheter mag er dan vaak ook uit. Je leert hoe je het beste uit bed kunt komen zonder je buikspieren te veel te belasten: via de ‘boomstammethode’. Je rolt dan in één vloeiende beweging (als een boomstam) op je zij, laat je benen over de rand zakken en duwt jezelf met je armen zijwaarts omhoog.
  • Darmen: Na de operatie liggen je darmen soms even stil, wat kan leiden tot krampen en een opgezette buik. Snel iets lichts eten en drinken, en zelfs kauwgom kauwen, kan helpen om je darmen weer te prikkelen. Als ontlasting thuis wat lastig op gang komt, kun je milde laxeermiddelen zoals Lactulose of Macrogol (Forlax) gebruiken.

Thuis verder herstellen

Zodra je zelfstandig uit bed kunt komen en de controles goed zijn, mag je naar huis, waar de kraamzorg het stokje overneemt.
De adviezen voor de eerste weken thuis zijn heel simpel: geef je over aan je herstel. Je lichaam is aan het genezen van een operatie én je bent tegelijkertijd moeder geworden. Neem zoveel mogelijk rust, accepteer hulp van familie en vrienden en laat het huishouden even voor wat het is.

  • Tillen: De gouden regel voor de eerste zes weken is: til niets dat zwaarder is dan je eigen baby.
  • Bloedverlies: Ook na een keizersnede verlies je vaginaal bloed (kraamvloed of lochia). Je baarmoeder moet tenslotte krimpen en helen. Het is normaal dat een kraamverband in de eerste periode regelmatig doordrenkt is. Ook kun je af en toe een bloedstolsel (tot de grootte van een vuist) verliezen. Bij twijfel, pijn of koorts bel je uiteraard altijd je verloskundige of het ziekenhuis.
  • Het litteken en je lichaam: Omdat de artsen in de buikhuid zenuwtjes hebben moeten doorsnijden, zal het gebied rondom het litteken waarschijnlijk maandenlang wat doof aanvoelen. Soms is de huid er net boven juist overgevoelig. Dit herstelt zich meestal in zes tot twaalf maanden. Met zware buikspieroefeningen mag je pas na zes weken weer rustig aan beginnen, als de weefsellagen goed gesloten zijn.
Keizersnede litteken + baby

Het emotionele aspect

Onderschat de emotionele impact van een keizersnede niet. Iedere vrouw ervaart dit anders. Sommige vrouwen voelen zich opgelucht dat de baby er veilig is, maar andere vrouwen worstelen met gevoelens van teleurstelling of falen, alsof hun lichaam ze in de steek heeft gelaten. Zeker als de keizersnede onverwacht kwam en je de geboorte misschien (door algehele narcose of stress) deels hebt gemist, kan de binding met je baby in het begin overweldigend of anders voelen dan je hoopte. Neem deze gevoelens serieus. Bespreek ze met je partner, en neem ze mee naar de nacontrole bij je gynaecoloog. Weten waarom een keizersnede onvermijdelijk was, helpt vaak enorm bij de verwerking.

Mogelijke risico’s en complicaties

Hoe nuchter we ook over een keizersnede praten, we moeten benoemen dat het risico op medische complicaties wat hoger ligt dan bij een soepele vaginale bevalling. Het is fijn om je hier bewust van te zijn, zonder in angst te schieten. Artsen en verpleegkundigen houden je hier scherp voor in de gaten.

Voor de moeder: Er is een iets grotere kans op fors bloedverlies of schade aan weefsels om de baarmoeder heen (zoals de blaas of de darmen). Ook treden infecties, zoals een wondontsteking of een ontsteking in het baarmoederslijmvlies, iets vaker op. Daarnaast heb je door de bedrust en de operatie meer kans op een bloedpropje (trombose) in de bloedvaten. Gelukkig krijg je juist om die redenen preventieve middelen (zoals de heparine-prikjes en soms antibiotica) in het ziekenhuis.

Voor de baby: Kindjes die met een geplande keizersnede worden geboren (en dus zelf nog niet het signaal hadden gegeven dat de bevalling mocht beginnen), hebben vaker wat moeite met ademhalen vlak na de geboorte. Dit komt doordat het vocht dat van nature in de longetjes zit, niet door de druk van het geboortekanaal naar buiten is geperst. Meestal trekt deze benauwdheid snel en vanzelf weer weg. Om dit risico te verkleinen, wordt een geplande keizersnede bij voorkeur niet te vroeg ingepland, vaak pas vanaf de 39e zwangerschapsweek.

Een volgende zwangerschap en bevalling

Wat betekent een keizersnede voor de toekomst, mocht je nog een kinderwens hebben? Het allerbelangrijkste advies vanuit de gynaecoloog is je lichaam tijd geven. Er zit een litteken in je baarmoeder dat tijd nodig heeft om sterk en stabiel te worden. Er wordt geadviseerd om na een keizersnede minimaal een half jaar, maar het liefst een heel jaar, te wachten voordat je opnieuw zwanger wordt.

In een volgende zwangerschap is er door het littekenweefsel een licht verhoogde kans op problemen met de ligging of de innesteling van de placenta. Zo kan de moederkoek soms over de baarmoedermond gaan liggen (placenta praevia), of zich te diep in de wand of het litteken nestelen (placenta accreta). Om dit uit te sluiten krijg je in het ziekenhuis altijd extra echo-controles.

Vaginaal bevallen of weer een keizersnede?
Misschien vraag je je af: “Mag ik hierna ooit nog natuurlijk bevallen?” Het antwoord is in heel veel gevallen volmondig ja. Meestal heb je bij een volgende baby de keuze: je gaat voor een vaginale baring (ook wel Trial of Labor genoemd) of je kiest op voorhand voor een geplande herhaalkeizersnede.

Beide keuzes hebben hun eigen voor- en nadelen die je gynaecoloog met je zal bespreken. Bij een vaginale bevalling is er een kleine kans dat het litteken in de baarmoeder door de kracht van de weeën scheurt (een uterusruptuur). Om die reden moet een bevalling na een eerdere keizersnede altijd in het ziekenhuis plaatsvinden, waar je (en de baby) zorgvuldig aan monitoren liggen. Een vaginale bevalling heeft als voordeel dat je vaak veel sneller herstelt en niet wéér een grote operatie en extra littekenweefsel krijgt. Aan de andere kant geeft een geplande keizersnede zekerheid over de geboortedatum en is de kans op een ruptuur vrijwel afwezig. De gynaecoloog zal kijken naar de reden van je vorige keizersnede en je huidige zwangerschap om je hier goed in te begeleiden.

Tot slot

Een keizersnede is misschien niet altijd hoe je je start van het moederschap had voorgesteld, en het brengt fysiek wat uitdagingen met zich mee. Maar het is en blijft een wonderlijke, medische mogelijkheid die ervoor zorgt dat jij en je baby in veiligheid de wereld tegemoet kunnen treden. Voel je gesteund in je herstel, wees niet te streng voor jezelf als het even wat langzamer gaat, en schroom niet om vragen te stellen aan je verloskundige, kraamverzorgende of arts. Zij zijn er om je te helpen, zodat jij met een gerust hart van je nieuwe baby kunt gaan genieten.

Bronnen:

Renate Sal Avatar

Renate Sal

Verloskundige in opleiding

Als verloskundige in opleiding én moeder van drie kinderen combineer ik medische vakkennis met de nuchtere praktijk van het moederschap. Voor Zwangerennu.nl schrijf ik op basis van de officiële literatuur van de opleiding tot verloskundige en de meest actuele medische richtlijnen. Mijn missie? Jou als (aanstaande) moeder voorzien van betrouwbare, wetenschappelijk onderbouwde informatie met een eerlijke en realistische blik op deze bijzondere periode.

Areas of Expertise: Verloskunde
Gebaseerd op medische bronnen en de nieuwste richtlijnen

Inhoud